Ook Ketenproces in Geestelijk Gehandicaptenzorg gecorrumpeerd. Voorstel voor Jurisprudentie Kamer.

2013/02/19 in 200 Jaar Ongewijzigd, Autoriteit Toezicht Jeugdzorg, Autoriteit Toezicht Rechtspleging, Onafhankelijk Toezicht

Op Nederland 1 bij Studio Max Live kwam vandaag (rond 13u.15) weer een vader aan het woord met horror belevenissen met Justitie en ketenpartners. Dit keer in de Gehandicaptenzorg.

Vader Egbert Schroten vraagt sinds 2005 aandacht voor het tekort schieten van de zorg aan zijn verstandelijk beperkte zoon. Ook moeder verwoordde wat er aan de hand is.

Egbert Schroten is Voorzitter van Klokkenluiders. Meer voluit: de stichting
Klokkenluiders (Verstandelijk) Gehandicapten Zorg. De lezer is bij deze ook verwezen naar een artikel:
Trouw 30 maart: Klachten zorg serieus nemen!
Gepubliceerd op 03/04/2012
http://www.kansplus.nl/2012/04/03/artikel-trouw-30-maart-klachten-zorg-serieus-nemen/
Een andere actieve vader in deze stichting is:
Ko Orlebeke, emeritus hoogleraar biologische psychologie. Hij is secretaris.

In de casus van vader Egbert Schroten gaat het om de zorginstelling Philadelphia.

De structuren voor medische zorg, jeudzorg, ouderenzorg en gehandicaptenzorg blijken veel congruente onderdelen te hebben. Bepaalde onderdelen zijn exact dezelfde.

Ook hier is te zien hoe belangrijk de eindverantwoordelijkheid van de rechter is. Aangezien de dagelijkse zorg door onderaannemers wordt uitgevoerd, valt de verantwoordelijke rol van de rechter niet of nauwelijks op. Uiteindelijk is het natuurlijk de politiek die de controle en de wet- en regelgeving niet goed op orde heeft gebracht. De politiek weet nog steeds niet op welke wijze ze zich verantwoordelijk kan maken voor een juiste controle op de rechter.

Politici zijn eigenlijk totaal niet op de hoogte van het wettelijk kader dat voorgaande volksvertegenwoordigers hebben geschapen. Het wordt dan heel logisch dat de politiek totaal vergeet om te toetsen of de goed bedoelde wetten ook werkelijk worden uitgevoerd. De politiek is in een naieve veronderstelling dat de rechter de rol van handhaver van de wet op zich neemt. Korte onderzoeken in het veld geven meteen het onweerlegbare beeld dat de rechter juist de eerste blijkt te zijn die de wetten irrelevant verklaart. Steeds weer valt op dat de eigen wet van de rechter de enige belangrijke leidraad voor de rechter vormt, namelijk de jurisprudentie. Rechters beargumenteren hun keuzes feitelijk alleen met keuzes van collega-rechters in voorgaande (vergelijkbare) gevallen. Dan valt regelmatig op dat rechters zich luk raak beroepen op uitspraken waarvan ook al 1 of meer spiegelbeeldige uitspraken in de jurisprudentie bestaan. Kortom in de jurisprudentie weet de rechter altijd een uitspraak te vinden die uitkomt op de uitspraak die de rechter zelf in zijn hoofd had. De rechter argumenteert feitelijk toe naar de uitspraak die hij aan het begin van zijn oordeelsvorming als doel heeft geformuleerd. Iedere serieuze rechtsgeleerde en iedere wetenschapper zal onmiddelijk stellen dat oordeelsvorming zo niet mag werken. De praktijk is helaas een andere. Rechters zouden zich op dat punt prima kunnen verweren. Ze zouden bijvoorbeeld uitgebreider hun juridische argumentatie in een beschikking kunnen opnemen.

Er is om bovenstaande redenen direct een logisch voorstel te doen: de Jurisprudentie Kamer. Het ministerie zou een instelling kunnen oprichten die toetst welke beschikkingen als jurisprudentie dienen te worden aangemerkt op basis van een uitgebreide, duidelijke, juiste argumentatie. Het zou zo moeten worden dat niet alle beschikkingen meteen ook jurisprudentie worden. Er moeten duidelijk kwaliteitscriteria aan jurisprudentie-beschikkingen worden gesteld. Dat moet gelden voor strafrecht-beschikkingen en voor civielrecht-beschikkingen.

De Jurisprudentie Kamer zou ook een soort van proef-procedures kunnen aanwijzen. Dat wil zeggen dat zij terreinen moet aanwijzen waar noodzaak van jurisprudentie is te verwachten. Dat zij meer tijd en middelen beschikbaar laat stellen om uitgebreidere argumentatie in beschikkingen mogelijk te maken. Dat zij verantwoordelijkheid neemt om beoogde jurisprudentie te toetsen tegen een aantal kwaliteitscriteria. Bekend is dat er al beleid is geformuleerd om de argumentatie in strafrecht-beschikkingen in het algemeen beter en uitgebreider te laten vastleggen. Het ligt voor de hand dat het civiel recht hier moet volgen. Het ligt ook zeer voor de hand om een aantal deskundige, niet beroepsmatig juridisch actieve burgers in deze Kamer te laten opnemen. Een onafhankelijke positie en een eindverantwoordelijkheid aan volksvertegenwoordigingen is ondertussen een voor de hand liggende eis.

De Jurisprudentie Kamer zou binnen het nieuw in te richten Toezicht Rechtspleging een duidelijk onderdeel kunnen vormen van de in te richten verbetering van parlementair toezicht op de rechtspleging. Na 200 jaar is het afbouwen van de Trias Politica geen overbodige luxe.

De nieuw op te richten Burgerautoriteit Toezicht Rechtspleging kan naast deze Jurisprudentie Kamer ook overeenkomstige taken uitvoeren als de Nationale Ombudsman. Nadrukkelijk dient deze autoriteit meer mogelijkheden te krijgen om wel naar individuele procedures van individuele burgers te kunnen kijken.

Zijn rol als klokkenluider stelt Egbert Schroten als volgt voor:
– individuele dossiers in gehandicaptenzorg analyseren
– de verschillende dossiers rubriceren per soort
– per soort de dossiers bundelen en daarbij adviseren
– adviezen aanbieden

Dhr. Schroten constateerd dat er steeds wordt geprobeerd om klokkenluiders te isoleren en voor te stellen dat de klokkenluider een zeldzaam unieke klacht heeft. Er wordt veel aangedaan om te voorkomen dat een klokkenluider lotgenoten kan ontmoeten. Hij beschrijft zijn ervaringen met de Nationale Zorgautoriteit en met de Inspektie Gezondheidszorg (IGZ).

De BTR kan ook een adviserende rol in het wetgevingsproces spelen die overeenkomt met Raad van State en Eerste Kamer. Zij kan signaleren dat wetten te kort schieten, omdat er opvallende aantal jurisprudentie-beschikkingen nodig blijken. Jurisprudentie dient tenslotte een “noodverband” van de rechter te blijven. Zodra de rechter zich structureel alleen op jurisprudentie blijkt te baseren, is duidelijk dat de wet tekort schiet. Of de rechters schieten te kort. Dat laatste is in de huidige beelvorming nog vrijwel onmogelijk. De gemiddelde burger wil graag blijven geloven in de onfeilbare rechter. Maar helaas … zoals zo vele sprookjes … De onfeilbare rechter is … een achterhaald … sprookje. Iedere goede, serieuze rechter zal dit als eerste durven te erkennen. Gelukkig zijn er vele deskundige rechters. Misschien mag de rechter zijn eigen wens op controle en meedenken door de gewone burgers wat duidelijker uit dragen. Of krijgt ook daar de boodschapper (media) weer de schuld?

Graag hoor ik een reactie van dhr. Schroten en van U. Uw reactie op deze site is meer dan welkom.

Radeloze Vader
oscar1966@live.nl

Leave a reply

You must be logged in to post a comment.

Skip to toolbar