Onderzoeksopzet Sociale Oplossingsvoorkeuren (pestgedrag)

wetenschapsredacteur

Naast de discutabele aanpak door dhr. Stapel, worden er toch ook aanzetten gedaan voor serieus onderzoek, gebaseerd op werkelijke waarnemingen. Proefondervindelijk, ook wel empirisch genoemd. Ik stel de lezers een aantal vragen.

Graag zou ik in contact komen met onderzoekers die al aan de slag zijn, of nog aan de slag willen met een onderzoek naar hoe wij het liefst verschijnselen verklaren. We zijn eigenlijk heel vaak in staat om uit tenminste 2 mogelijkheden te kiezen. Populair gezegd ben ik geinteresseert in onderzoek dat probeert inzicht te krijgen in groepsprocessen rond het benoemen van half volle glazen of half lege glazen.

Als redacteur kan nieuws ook zijn “nieuwe vragen” of vragen gesteld in een nieuw duidelijk verband. In die zin maakt iedere lezer zijn eigen nieuws uit een artikel. Iedereen stelt andere vragen. In die zin krijgt iedereen zijn eigen werkelijkheid. Natuurlijk is het 1 werkelijkheid. Bedoeld is natuurlijk dat ieder een afwijkend beeld van die werkelijkheid kan maken. In de wetenschap gaat het er dan om dat er consensus over onderdelen van dat beeld kan zijn. Heel verheven noemen we dat met elkaar “kennis”. Naarmate we met elkaar hetzelfde bij herhaling kunnen zien, klopt de kennis. Kunnen we niet hetzelfde zien dan is het geen kennis meer, en is dat bij nader inzien ook nooit geweest.

Voorbeeld Verschijnsel(1)
In spel A hebben we als groep maar 100 Euro gewonnen.

Alternatieve verklaring (1)
Als iedereen sneller had willen werken had het gemakkelijk 500 Euro kunnen zijn.

Alternatieve verklaring (2)
Jan zat in ons team, de teams waarin hij zit presteren altijd van alle klassen-teams het slechtste. Hij heeft een slechte invloed op de groep.

Alternatieve verklaring (3)
In het spel hebben we al snel op 2000 Euro verlies gestaan. We hebben als groep een top prestatie neergezet.
Met daarbij dan natuurlijk een voorkeur voor een alternatieve beschrijving van het verschijnsel: We hebben in spel A heldhaftig ons verlies kunnen wegwerken. Opvallend is dat de sfeer in ons team zat. Geke, onze klasgenote heeft het heel gezellig weten te maken. We stegen boven onszelf uit onder haar enthousiaste leiding.

Voorbeeld verschijnsel (2)
Het kleine kind is mishandeld.

Alternatieve verklaring (1)
De vrouw wordt regelmatig boos op het kind als zij dingen in het kind denkt te zien, die haar doen denken aan haar ex-partner. Ze zwijgt het kind dan een poosje “dood”. Er is geen fysiek geweld geweest.

Alternatieve verklaring (2)
De nieuwe partner van de moeder vind dat het kind voortdurend een loopje met zijn moeder neemt. De man is dat zat en corrigeert het kind met een draai om de oren. Het kind heeft nog voor de korte nog voor de lange termijn fysieke gevolgen van de straf over gehouden.

Alternatieve verklaring (3)
De moeder is net bevallen van een stief-broertje. Moeder vindt het allemaal even te veel. Ze is depressief en weet niet hoe ze de financiele problemen moet gaan oplossen. Haar nieuwe partner moedigt ze aan om als “vader” het oudste, wat jaloerse kind, wat harder aan te pakken. Moeder zag dat de draai om de oren veel te hard was. Haar nieuwe partner had niet kunnen leren hou fysiek geweld naar kinderen moet worden gedoseerd overeenkomstig leeftijd en karakter van het kind. Mag fysiek geweld ueberhaupt wel?

Alternatieve verklaring (4)
De nieuwe partner heeft een “houding van een vader-leeuw”. Het kind van de moeder is niet zijn kind, dus dat moet achtergesteld worden bij zijn eigen kinderen. Het kind wordt voortdurend negatief en met geweld door de man behandeld. Bepaalde dieren (mensen mogelijk ook?) gaan soms zo ver dat zij de eerste niet volwassen worp van het moeder-dier proberen te doden, om eigen nageslacht een betere overlevingskans te geven.

Alternatieve verklaring (5)
Voortdurend horen we van fysieke en seksuele mishandeling van kinderen door mannen. De nieuwe vriend van moeder zal er wel mee te maken hebben waarschijnlijk.

Alternatieve verklaring (6)
De veronderstelde mishandeling blijkt geen mishandeling te zijn. Het kind heeft een nog wat moeizame motoriek, maar geniet enorm van wilde spelletjes.

Alternatieve verklaring (7)
Moeder had haast en was gestresst. Op de fiets had ze twee tassen met boodschappen. Toen ze haar kind uit het zitje achterop de fiets wilde pakken, sloeg de fiets om en viel het kind achterover van de fiets. Het liep goed af, maar wel een flinke bult. Helemaal wat ongelukkig want vorige week was nog met de juf van de kleutergroep besproken dat het kind achterover tegen een schooltafeltje was gevallen na een flinke duw van een klasgenootje. Ook toen een flinke bult op het hoofd.

Alternatieve verklaring (8)
Moeder weet heel goed dat haar nieuwe vriend haar kind totaal niet mag en niet kan accepteren. Er hoeft niets te gebeuren of het kind wordt enorm doorelkaar geschud. Moeder weet dat en ziet dat steeds gebeuren. Ze voelt zich afhankelijk van haar nieuwe vriend en zegt niets en grijpt niet in.

Algemeen
Wanneer formuleren we het verschijnsel negatief? Hebben groepsleden daar een bijzondere invloed? Geeft de leider van een groep daar richting aan? Zijn er negatief formulerende leiders en positief formulerende leiders? Aan welke leiders geven groepen de voorkeur?

Wanneer verklaren groepen een resultaat uit de schuld van een enkeling, wanneer stellen groepen zich als geheel verantwoordelijk? Is er correlatie tussen een bepaalde soort problemen en een zondenbok van een specifieke sexe? Wanneer krijgen bij voorkeur vrouwelijke zondenbokken de schuld? Wanneer krijgen bij voorkeur manlijke zondenbokken de schuld? Wanneer doet de sexe van een zondenbok er niet toe? Heeft dit te maken met het geslacht van de groepsleider? Heeft dit te maken met de sexe-samenstelling van de groep?

Centraal staat de hypothese: we formuleren problemen liefst negatief en we verklaren liefst negatief. Negatieve verhalen “verkopen” beter dan positieve verhalen. Let op dat is dus de hypothese. Uit onderzoek zou het tegendeel kunnen blijken. (Dan is dat als negatief verhaal wellicht meteen al weer makkelijker in de publiciteit te brengen.)

De volgorde waarin cognities over de voorstelling van het probleem waargenomen worden zal vast zeer sturend zijn. De geaccepteerde verklaring zal waarschijnlijk ook bepaald worden door de volgorde waarin de cognities voor die verklaring worden aangeboden. Als aan het begin al voor een negatieve voorstelling met overdrijving is gekozen, dan zal die voorstelling waarschijnlijk moeilijk nog worden bijgesteld.

Belangrijk is dat individuen en organisaties hun bestaansrecht vaak extra nadrukkelijk willen ontlenen aan overdrijving van de problemen. Dan kan “de groep” nog moeilijker om hen heen en staan zij zelf snel buiten iedere discussie. Zij plaatsen zich centraal in het moeilijke probleem dat absoluut alleen met hun inzet kan worden opgelost. Laten we nu niet tijd en energie verspillen door hen ter discussie stellen: snel achter de boeven aan!

Een politie-apparaat met een zeer laag oplossingspercentage ten opzichte van historische resultaten, zal meer behoeft hebben om moordenaars extra negatief neer te zetten en graag aan te sturen op hoge straffen. Wanneer er steeds maar geen echte daders kunnen worden gevonden, dan wordt het erg aantrekkelijk om daders te maken. Criminaliseren dus.

Grijpen politie-teams met fysiek zwakkere leden eerder naar het dienstwapen? Hebben politie-teams met een bepaald aantal vrouwen langer de mogelijkheid om zonder geweld invloed op een grote mensenmassa uit te blijven oefenen? Waarom houden mensen zich in wanneer politie vanaf een groterer hoogte communiceert? Wat is de geheime kracht van politie te paard? Wanneer roept de aanwezigheid van vrouwen bij mannnen juist eerder en meer agressie op? Wanneer levert de inzet van mannen bij mannen juist minder agressie op?

Hoe gaan politiemensen om met collega’s waarvan ze meemaken dat ze “jokken” in processen verbaal? Rapporteren ze geensceneerde aanhoudingen? Welke valse gronden worden bij dergelijke onjuiste aanhoudingen gebruikt?

Waarom wilden we massaal een negatief functionerende Dijsselbloem en waarom ging dat na verloop van tijd draaien? Gaat dat zelfs zo ver dat de meerderheid hem straks bewondert? Wanneer en waarom steken bepaalde journalisten meteen zo negatief in? Hoe heeft Frits Wester zo onprofessioneel en ondeskundig meteen aan karaktermoord willen doen? Dijsselbloem spreekt opvallend zeer goed Engels. “Blauwdruk” is helemaal niet de vertaling van “template”. Om een antwoord te geven, hoefde Dijsselbloem helemaal de betekenis van “template” niet te kennen. Roepen dat op zo’n vraag een minister niet precies een eigen verhaal mag afsteken, is grote onzin. Als media-trainer was dat nu juist wat hij zijn klasjes voorhield. Als je een vraag niet kunt beantwoorden, of niet wilt beantwoorden, moet je altijd een antwoord geven. Zorg er voor dat jij je eigen verhaal doet. Iedere nieuwe vraag geeft je daar opnieuw de kans voor. Had Dijsselbloem misschien geen mediatraining van Frits Wester nodig? Had Dijsselbloem misschien een interview geweigerd? Allemaal speculaties. Maar wel met directe verbanden naar deze onderzoeksopzet met de daarin opgenomen onderzoeksvragen? Waarom frontaal aanval kiezen? Waarom zondenbok maken? Is dat het beproevingsritueel rond echte leiders? Moet je als leider misschien wel heel erg blij zijn met dit soort negatieve publiciteit? Geeft dat nu juist de mogelijkheid om profiel te krijgen?

Deze website is metname in het leven geroepen om een verschijnsel dat in de papieren-media is te vinden. Mensen die ooit vals verdacht geweest zijn, worden door deze media bijna nooit meer gevolgd. De straf die deze onjuist beschuldigden feitelijk moesten ondergaan is vaak levensverwoestend. Wie spreekt er nog over de onjuist beschuldigden in de zaak Vaatstra? Wie vertelt het verhaal van vaders die beschuldigd zijn van seksueel misbruik en uit voorzorg geen contact meer mochten hebben met hun kinderen? Waarom is het in ons systeem makkelijker om iemand beschuldigd te krijgen dan om een valse beschuldiging te weer leggen? Heeft politie en OM een belang bij valse beschuldigingen? Heeft de rechter een belang bij valse beschuldigingen? Heeft de rechter belang bij deskundigen die bewijs willen construeren? Is de tunnel van de tunnelvisie werkelijk zo lang?

Als redacteur kom ik graag met onderzoekers in contact die zich met bovenstaande vragen hebben bezig gehouden, of die dat zouden willen gaan doen. Graag uw reactie richten aan de redactie.

3 thoughts on “Onderzoeksopzet Sociale Oplossingsvoorkeuren (pestgedrag)

Leave a Reply