Vader Iris van der Schuit probeerde Jeroen Denis kapot te maken. Verdeel en heers binnen Justitie.

een verslaggever

– Wijk bij Duurstede – Diverse bronnen geven heel expliciet aan wat de vader van Iris van der Schuit gedaan heeft om het leven van zijn ex-schoonzoon, notabene de vader van zijn kleinkinderen onmogelijk te maken. De gevolgen voor de kinderen Ruben en Julian en hun vader zijn zoals bekend verschrikkelijk. De heer van der Schuit is uitgenodigd voor weerwoord. Helaas hebben we nog niets van Iris of haar familie vernomen. We hopen alsnog van hen te vernemen.

De familie Van der Schuit lijkt ook nog niets te hebben ondernomen richting de familie Denis om enig begrip te tonen voor het onmetelijke verdriet dat de ouders van Jeroen om Jeroen en de kleinkinderen hebben. Ook in de richting van de vriendin van Jeroen is niet een zichtbare blijk van medeleven of enig begrip gekomen.

Dit alles doet de moeder en haar familie steeds verder in een ander daglicht komen.

Uitgerekend BJZ heeft niet snel willen ingrijpen om Jeroen zijn vaderschap feitelijk te ontnemen. Om nog onverklaarbare reden heeft de Raad voor de Kinderbescherming wel een grote stap aan de rechter geadviseerd.

Er lijkt een verschil van mening tussen BJZ en de Raad voor de Kinderbescherming te zijn gegroeid. Dat de Raad voor de Kinderbescherming nu schuld bij BJZ probeerd neer te leggen is abject. Normaal gesproken zitten BJZ en Raad op 1 lijn. Zij houden elkaar voortdurend uit de wind. Er lijkt een rolverdeling van geacteerde saamhorigheid en van geacteerde verschillen van inzicht te bestaan. Verdeel en heers lijkt het motto. BJZ is ooit opgericht vanuit de Raad, omdat de Raad te partijdig zou zijn. De partijdigheid lijkt nu alleen maar versterkt te zijn door het mogen gijzelen van een stroman-organisatie. De Raad blijkt precies te kunnen bepalen wat BJZ doet en niet doet. Achter de schermen blijkt de Raad de dienst uit te maken over wat er aan de rechter wordt voorgelegd.

Nu lijkt de vader van Iris zich zelfs directere toegang tot de Raad voor de Kinderbescherming te hebben verschaft. Dat vader werkzaam zou zijn voor het ministerie van Justitie of anderszins relaties met Justitie onderhoudt verdient op zijn minst nader onderzoek.

Een verwijt dat BJZ eerder zorg bij de vader voor zijn kinderen had moeten weghalen is zeer stuitend.
Deskundigen zijn er van overtuigd dat juist de eerste lijn van terughoudendheid had moeten worden doorgezet.

Zonder de onprofessionele uitspraak van de kinderrechter op direct advies van de Raad voor de Kinderbescherming zouden Ruben en Julian, maar ook hun vader, nog hebben geleefd. Werkelijk honderden gezinnen hebben met hetzelfe horror optreden van Raad en kinderrechter te maken gehad. Wat voor miljoenen mensen in Nederland onvoorstelbaar is, gebeurt echt.

Of BJZ inderdaad anders aan de Raad heeft geadviseerd, zal uit onderzoek nog moeten blijken. De beschuldiging dat BJZ dubbelspel speelt, moet als “horror beeld” beslist van tafel kunnen. Noodzaak voor onderzoek dus.

In andere gevallen heeft het er alle schijn van dat de Raad en BJZ alleen naar buiten toe een indruk proberen te wekken dat ze het niet met elkaar eens zijn. Dat zou de indruk moeten wekken dat het beslist 2 verschillende, onafhankelijke organisaties zijn.

Organisatie-onderzoekers hebben echter al diverse keren vastgesteld, dat achter de schermen AMK, BJZ en Raad voor de Kinderbescherming als 1 organisatie opereren. Het kind-dossier wordt volledig gedeeld. Het personeel wordt gedeeld. De directe toegang tot de rechter wordt gedeeld. Het AMK wordt exclusief bemand door BJZ. Naar ouders toe is dat alles een opzettelijke en kwalijke misleiding.

De wet voor de rechterlijke organisatie sluit de directe toegang van de jeugdzorg (in hoedanigheid van procespartij!) tot de rechter feitelijk uit. Maar het valt blijkbaar niemand op dat deze uitzondering heel vreemd is en juridisch eigenlijk niet kan. Gelijke toegang tot de rechter is een hoeksteen binnen onze rechtspleging. Tenminste dat kon de redactie optekenen uit de mond van een voormalig rechtbankpresident. Uit onze colleges weten we ons dat ook nog te herinneren.

Vooral de rol van de Raad voor de Kinderbescherming lijkt in de zaak van de broertjes heel dubieus.
Door meteen naar “anderen” te wijzen is zeer verdacht.

Met de tragische afloop probeerd de Raad achteraf zijn eigen gelijk te creeren. Zij bouwt een cirkel-redenatie dat alle schuld bij Jeroen ligt, dat hij zelf schuld zou zijn aan het kwijt raken van zijn kinderen en aan zijn behoefte om een einde te maken aan zijn leven. Werkelijk te bizar voor woorden.

Uiteindelijk worden oorzaak en gevolg op een onvergeeflijke manier door de werkelijke daders achter de dood van Jeroen, volledig omgekeerd.

Dat daders feiten omdraaien, gebeurt helaas wel vaker. Helaas gebeurt het ook vaker dat we daar als samenleving te laat achter komen. Er kan zeker door gemeente, provincie en departement van Justitie niet worden volstaan met slechts een intern onderzoek. Dat doet de oude handelwijze van de vertrouwde doofpot vermoeden. Hoe het in de zaak rond Savanna liep weten we allemaal nog. Ook toen moest voor de buehne een gezinsvoogd maar worden geofferd en bleven de werkelijke schuldigen vrijuit gaan. Ook toen had een vader het nakijken en vond zijn kind de dood. Ook toen is de verantwoordelijke kinderrechter steeds weggedoken. Niet zo snugger van ons dat we dat hebben laten gebeuren. Hand in eigen boezem als slapende burgers is dus ook gepast.

Leave a Reply