You are browsing the archive for 2013 July.

Vader Jeroen Denis onterecht door het slijk gehaald door Annette Heffels. Sturend eenzijdig berichtgeven en mannen criminaliseren. Raad voor de Kinderbescherming geeft beter functionerende hulpverleners valselijk de schuld.

2013/07/27 in Uncategorized

Reactie van een redacteur
op artikel van Annette Heffels, Margriet 21 juni 2013.

Tussen aanhalingstekens wordt het artikel van Annette integraal geciteerd. Tussendoor worden opmerkingen gemaakt met rode tekst.

Schuldvraag

“Geregeld moet ik denken aan de moeder van Ruben en Julian, de twee jongetjes die door hun vader werden gedood, waarna hij een eind aan zijn eigen leven maakte.” Het was professioneel geweest als Annette zich had afgevraagd waarom zij niet regelmatig aan de vader en de jongetjes op de verschillende momenten moest denken. Waarom neemt zij als waarnemingsstandpunt steeds de moeder in de eerste plaats?

“Dan vraag ik me af hoe ze verder moet en kan het me niet voorstellen. Aan die verschrikkelijke gebeurtenis is veel voorafgegaan. De ouders gingen in 2008 uit elkaar. Aanvankelijk spraken ze af dat ze beiden voor de helft de zorg voor hun kinderen op zich zouden nemen. Tussen 2009 en 2013 maakte de moeder verschillende keren melding van mishandeling van de kinderen door de vader. Die vond dat zij overdreef en dat de driftbuien van zijn zoon af en toe een stevige aanpak noodzakelijk maakten.” Op het eerste gezicht lijkt dat een neutrale weergave, maar dat is het beslist niet. Waarom wordt nergens de voorzichtige vraag gesteld of hier misschien sprake was van valse beschuldigingen? Waarom waren de “vele” hulpverleners niet door moeder te overtuigen? Pas nadat de Raad voor de Kinderbescherming zich als superdeskundige (zonder werkelijk eigen onderzoek!) in de zaak gaat melden en de vader zonder werkelijke reden/ oorzaak laat vallen gaat het mis. De hulpverleners verdienen mogelijk veel lof dat ze zich niet door een ouder voor een karretje hebben laten spannen. Juist de RvdK liet zich wel voor het karretje van de moeder spannen. Zij adviseerde de kinderrechter om de vader (zonder goede reden!) op afstand te zetten en de rechter verschool zich achter dat advies. Zonneklaar ligt de verantwoordelijkheid in de eerste plaats bij de kinderrechter en in de tweede plaats bij de vaak frauderende “deskundige”, Raad voor de Kinderbescherming. Open en bloot nodigt de rechter deze instantie uit om te frauderen. Eigenlijk is het een vaak gericht en eenzijdig rapporteren op openlijke bestelling van de rechter.

“In de loop van de jaren zouden er tien verschillende instanties en hulpverleners zijn geweest, die zich met het gezin bemoeiden en probeerden te helpen. Er kwam een ‘veiligheidsplan’ en er kwam hulp die vader overdreven vond en moeder onvoldoende. Lange tijd waren hulpverleners van oordeel dat de gedragsproblemen die de kinderen hadden werden veroorzaakt door de strijd tussen hun ouders. Uiteindelijk leidden de klachten van moeder ertoe dat er een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming kwam. De Raad oordeelde dat de hulpverlening had gefaald en dat de kinderen onder toezicht zouden worden geplaatst. Vader was het met deze beslissing niet eens en inmiddels is de fatale afloop bekend. Arme kinderen, arme ouders. Na de ramp komt onmiddellijke de schuldvraag. Die ligt volgens velen bij de hulpverleners. Zij hadden dit moeten voorkomen. Ik ben hulpverlener. Gelukkig heb ik nog nooit meegemaakt dat een van mijn cliënten zichzelf of iemand anders van het leven beroofde. Ik heb er wel geregeld zorgen over gehad en ervan wakker gelegen als iemand daarmee dreigde. Ik heb ingeschat, overlegd, gepraat, getracht te overtuigen en in sommige gevallen crisisdienst en politie gebeld. De angst dat het misgaat en dat je dan voor jezelf de vraag moet beantwoorden of je dit had kunnen voorkomen hoort bij mijn vak. Tegelijk ben ik me er zeer van bewust hoe beperkt wij hulpverleners zijn. Wij worden zwaar overschat, kunnen lang niet alle pijn en ellende oplossen. Als mensen elkaar stuk willen maken, is dat soms niet te stoppen. Sterker nog: als mensen niet willen praten, kun je ze niet dwingen. Therapie is vrijwillig. Hulpverleners mogen zonder schriftelijke toestemming van hun cliënten geen informatie over hen doorgeven aan anderen. Als wij een kind willen behandelen moeten beide ouders dat goed vinden en op papier zetten. Natuurlijk kun je als therapeut regels naast je neer leggen als je vindt dat nood wetten breekt. maar dan nog: we zijn niet helderziend. Ik heb me vaak vergist in mensen die ik op hun woord geloofde. Hij was een bezorgde, liefdevolle vader, zei de huisarts en dat zal ook een kant van het verhaal zijn. Dat maakt het zo gruwelijk.”

Annette Heffels zou behoren te weten dat in alle echtscheidingszaken (met betrokken geraakte kinderen) vanaf het allereerste begin de RvdK (Raad voor de Kinderbescherming) in een toezichthoudende, adviserende en vooral eindregisserende rol betrokken is. Zowel bij vrijwillige hulpverlening als gedwongen hulpverlening aan kinderen en verzorgers wordt door de RvdK geregisseerd. Eigenlijk dus direct door de kinderrechter. Op ieder moment kan de RvdK of de rechter zich betrokken en verantwoordelijk verklaren. In een opzet met veel (niet transparante) verdeel en heers wordt dat meteen bij bijvoorbeeld BJZ en jeugd(geestelijke)gezondheidszorg neergelegd.

Na de fatale afloop met de dood van Julian, Ruben en hun vader Jeroen, was het eerste wat de Raad deed: anderen de schuld geven. Dat terwijl de Raad eindverantwoordelijk was voor het informeren van de rechter.

Als de Raad voor de Kinderbescherming de terughoudendheid van de onderaannemende jeugdzorgers had vol gehouden, dan hadden volgens velen de kinderen nu nog in leven kunnen zijn.

Annette Heffels onderschat op de verkeerde momenten het belang van hulpverleners. Zij had het juist nu voor haar collega’s op kunnen nemen en een wegduikende “opdrachtgever” op zijn eindverantwoordelijkheid kunnen wijzen.

Door dit soort slordige waarnemingen en analyses blijft de Raad voor de Kinderbescherming er samen met de kinderrechter steeds in slagen om verantwoordelijkheid af te schuiven en anderen de schuld te geven. Een journalistieke en vakmatige dikke onvoldoende voor Annette Heffels.

Het is belangrijk dat er meer politiek besef en aandacht komt voor de gruwelijke verdeel-en-heers-deal die er steeds tussen de rechter, RvdK en de jeugdzorgende ketenpartners wordt afgedwongen door de rechter. De rechter bedient zich in civielrechtelijke procedures (familie- en jeugdrecht) steeds van vaste (corrupte en frauderende!) kroon-getuigen die in de eerste plaats opkomen voor hun eigen belangen. Ook in strafrechtprocedures met kroongetuigen is dat te zien. Aangezien strafrechtprocedures tenminste meer in openheid plaatsvinden en met veel meer activiteit van advocaten, zijn lessen getrokken. In strafrechtprocedures is er een hoop twijfel en afwijzing ontstaan over het inschakelen van kroongetuigen. In het jeugd- en familierecht heeft dat proces ongeveer 100 jaar mogen voortwoekeren en is het diep verankerd geraakt. Als de rechter ziet dat er delen van zijn eigen organisatie zijn gecriminaliseerd en er een Kafkajaanse organisatie blijkt te zijn ontstaan, dan moet actie van de rechter worden verwacht. Er is niet alleen sprake van verklaringen van kroongetuigen op bestelling, maar er is ook nog eens sprake van kroongetuigen die inwonend zijn in de eigen organisatie. Tot slot is er ook nog eens sprake van gedwongen winkelnering bij deze kroongetuigen. Naar aanleiding van het niet functioneren van de Raad, heeft de Raad ook nog eens het voor elkaar gekregen om gebruik te mogen maken van stroman-organisaties. Daarmee kreeg de Raad de ruimte om schuld en verantwoordelijkheid af te schuiven op onderaannemers die bereid waren om als stroman en als zondenbok te functioneren. De Raad heeft de onderaannemers in een economische afhankelijkheid geplaatst en ze daarmee volledig gegijzeld. Feitelijk is de stilzwijgende afspraak: bevestig de rol van de Raad als maffiabaas dan zal de Raad de onderaannemer daarop in bescherming nemen. Feitelijk worden hier zeer grote bedragen aan  “beschermingsgeld” betaald. De prijs (beschermingsgeld) die de onderaannemers moeten betalen is het achterwege laten van professioneel functioneren. Enkele kinderrechters die zich opwerpen als spreekbuis voor de jeugd-rechtspleging stellen zonder enige gêne dat het goed is dat de jeugdzorgers professionaliseren (vele rechters proberen voor zichzelf graag het woord professionaliseren te omzeilen). De werkelijkheid is echter dat nu juist steeds dat alles in het werk wordt gesteld om de deskundigen van de rechter niet te laten professionaliseren.  De rechter wil dat namelijk helemaal niet, omdat een professionele deskundige nooit gewenste rapporten op bestelling mag leveren. De rechter wil de deskundigen maar al te graag in een van hem/haar afhankelijke positie laten functioneren.

Het leveren van gewenste rapporten op bestelling door “deskundigen” is op dit moment zowel in het strafrecht als in het civielrecht een kern-probleem. Vele deskundigen blijken tegen betaling (en omzet-garantie) bereid te zijn om als eerste hun “professionaliteit”  in te leveren. Een taxatie-bedrag dat de rechter wenst of een gezondheidstoestand die de rechter wenst, mag nooit op bestelling geleverd worden. Dit blijkt echter toch de dagelijkse praktijk. Laten rechters professionele, “eigenwijze” deskundigen weten dat ze ongewenste rapportages opleveren? Natuurlijk niet. Iedereen weet echter dat de rechter de volgende keer naar een andere “gewenste” deskundige zal overstappen. Registers van gerechtsdeskundigen blijken dus al gauw precies het tegendeel van goede, professionele kwaliteit op te leveren.

Het kan niet meer verbazen dat de “maffia-top-organisatie”, Raad voor de Kinderbescherming,  met de nodige organisatie-terreur de gangsters bij de onderaannemers terroriseert met bedreiging en uitsluiting. Misschien is het waar en heeft Nederland nauwelijks maffia-activiteiten binnen haar grenzen. Misschien zijn organisatie-corrumpering als in de politie- en justitie-organisaties tijdens de 40-45-bezetting uniek en eenmalig. Misschien zijn de rechter-beschikkingen-op-bestelling in opdracht van de nazi-bazen uniek en eenmalig. Waarschijnlijker is het echter dat dergelijke ontwikkelingen naar “uitwassen” van alle tijden zijn. Misschien dat er dus toch iets moet gaan gebeuren om de terreur en corrumpering in justitie en jeugdzorg aan te gaan pakken. Of blijven kinderen werkelijk zo onbelangrijk? Blijkbaar begint dat met scherp en kritisch waarnemen. De eerste vraag die iedere rechter zich in theorie moet stellen: is mij wel een werkelijk probleem voorgelegd, of is het een geensceneerd probleem … een valse aangifte of een valse verklaring. Het is een probleem van alle tijden dat daders zichzelf proberen te verkopen als “slachtoffers”. Aan rechters dus om daar niet in te trappen. Dat wordt een beetje lastig als de rechter tegenwoordig al open en bloot durft te stellen dat hij ook niet aan waarheidsvinding doet. Wie doet er dan nog wel aan waarheidsvinding?

Een artikel als dit van Annette Heffels brengt verbetering van jeudghulp en rechtspleging niet dichterbij. Helaas.

 

 

 

 

 

 

Skip to toolbar