Als Provinciale sturing op Jeugdzorg niet lukte, lukt het dan de Gemeente wel?

ARNHEM – politiekverslaggever Jeugdzorg

Dat de provinciale sturing en controle op de Bureau’s Jeugdzorg vanuit de politiek niet gelukt is, blijkt wat mij betreft duidelijk uit de discussie rond de nieuwe Jeugdwet. De deelnemers dachten/denken in groten getale dat de politieke sturing vanuit landelijke volksvertegenwoordiging komt. Blijkbaar hebben velen niet in de gaten dat Provinciale en Gedeputeerde staten voor de toewijzing van middelen, prioritering en controle van van de jeugdzorg verantwoordelijk waren. Totdat de gemeentes het hebben overgenomen ligt de verantwoordelijkheid bij de provincie.

Geen  enkele bestuurslaag of ambtelijke uitvoeringslaag bleek zich echt verantwoordelijk voor producten uit de jeugdzorg te voelen.

Er bleef een soort gijzeling bestaan tussen Justitie (rechter en Raad voor de Kinderbescherming) en uitvoerenden over wie feitelijk steeds een eindverantwoordelijkheid heeft. Provincie ontkent (eind-)verantwoordelijkheid en Justitie ontkent eindverantwoordelijkheid. Er wordt een ingewikkeld spel van verdeel en heers gespeeld. Ondertussen claimen medewerkers in de uitvoering een vrij spel, zonder wezenlijke controle. Rechters wijzen deze claim op zittingen ook steeds feitelijk toe. Dat dat zo is … wordt voor de gewone burgers angstvallig “onbewijsbaar gehouden”. Gesloten deuren … weet u nog. Dat rechters zo steeds controle op zichzelf en de ingehuurde deskundigen hebben weten af te houden, mag een prestatie heten.

Toch blijkt de feitelijke macht op een schimmige manier achter gesloten deuren door Justitie te worden uitgeoefend. Op heel ondoorzichtige manier houdt Justitie een deskundigen-leger aan een lijntje met een duidelijke afspraak van wederzijdse immuniteitsgarantie. Justitie heeft het nooit gedaan. En de deskundigen hebben het nooit gedaan, garandeert Justitie. De gewone burger vraagt zich dan terecht af: wie heeft het dan wel gedaan?

Als het echt precair werd dan werd een schijngevecht tegen “schijnbaar” verantwoordelijke jeugdzorgers opgevoerd. De uitkomst stond tevoren steeds vast. De deskundigen mochten steeds zichzelf onderzoeken na aanvankelijke scherpe (schijn-)kritiek op zichzelf. Voor de buehne bleek steeds, want de deskundigen stelden steeds van zichzelf vast dat hen geen blaam trof. Langer geleden was de zaak Savanna een duidelijk voorbeeld.

Recent ging er een rapport onder andere naar de Tweede Kamer over het functioneren van de “deskundigen” in de Jeugdzorg rond de tragische dood van Ruben en Julian en hun vader Jeroen Denis. Perfekte verdeel en heers volgens het ambtelijke boekje. De deskundigen stelden van zichzelf vast dat ze steeds precies volgens de regels hadden gehandeld. Dat rapport is door u als lezer gemakkelijk op het internet te raadplegen. http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2013/09/30/casusonderzoek-zeist-onderzoek-na-het-overlijden-van-twee-kinderen.html

De provinciale politiek heeft steeds geweigerd om te forceren dat zij konden gaan meten. Zij stelden zich niet in staat om bijvoorbeeld vast te stellen dat er een enorme over-diagnosticering in de Jeugdzorg plaatsvond. Zij stelden niet vast dat er een enorme economische afhankelijkheid van beroepsmatig betrokkenen werd gecreeerd. Zij stelden niet vast dat resultaten niet meetbaar waren. Zij stelden zich dus al zeker niet in staat om verbetering vast te kunnen gaan stellen. Zij stelden niet vast dat budgetering en financiele sturing onmogelijk bleek. Zij stelden niet vast dat creeren van problemen en overdrijven van problemen pervers beloont werd. (Vergelijk ook uitspraken van diverse top-economen. Naast Heertje zijn nog diverse anderen te noemen.)

Uit de bedrijfsorganisatie is bekend dat afgerekend worden op resultaten alleen mogelijk is als je ook de bijbehorende verantwoordelijkheden en beslissingsmacht hebt.

Op het schip van de de jeugdzorg staan straks na de transitie naar de gemeente nog steeds 2 schippers. Ook bij een grotere rol voor de gemeente probeert de kapitein bij aanvaringen en strandingen … weg te duiken. Hij zal voortgaan met te zeggen … niet op de brug te hoeven staan. Die kapitein heet dan nog steeds: … de rechter.

Twee schippers werkt nooit, zoals bekend. De rechter kan en mag eigenlijk nooit structureel de operationeel verantwoordelijke zijn. Rechters kunnen nooit een verantwoordelijkheid voor een operationeel proces dragen. De rechtspleging is volledig projectmatig georganiseerd. Het is een rechter feitelijk verboden om een proces te blijven volgen en daartoe een administratie in te richten. Om het voorgaande te ondervangen is het gedrocht van de Raad voor de Kinderbescherming in het leven geroepen. Notabene vaak een procespartij die zo goed als inwonend is bij de rechter en die in ieder geval 7 x 24 uur directe toegang heeft tot de rechter. De wet op de rechterlijke organisatie, de grondwet en internationale verdragen verbieden dat heel expliciet. Iedere procespartij dient gelijke toegang tot de rechter te hebben. Iedere procespartij dient in gelijke mate “bewijzen” onder de aandacht van de rechter te kunnen brengen. Dat geld beslist ook voor het civielrecht. Toch houden we dat systeem van ongelijkheid “in het belang van het kind” al ongeveer 100 jaar in stand. Onder het mom van het belang van het kind blijken kinderen dit basale recht op eerlijke procedures niet te hebben.

Het achter gesloten deuren houden heeft nooit aantoonbaar voordelen voor kinderen gehad. De geheimzinnigheid heeft voor de rechters en zijn ingehuurde “huis-deskundigen” zeer grote voordelen. Nog steeds blijkt het mogelijk voor de deskundigen om een monopolie te bewaren. De rechter wil ook graag dit monopolie in stand houden. Het blijkt te gaan om belang en rust van een volwassen kind, de rechter. Altijd gelijk hebben en nooit je voor dat gelijk hoeven te verantwoorden. Van iedereen alwetendheid en onschendbaarheid toegedicht krijgen … en nooit dat hoeven te bewijzen. Welk kind wenst zich dat nu niet. Even een directe relativering: de functie van rechter is op diverse momenten een weinig benijdenswaardige. Weinig kinderen blijken later in een gedroomde werkelijkheid te belanden, zo blijkt wel weer.

De volksvertegenwoordiging was bedoeld om paal en perk te stellen aan het functioneren van de rechter en zijn deskundigen. De provinciale politiek heeft daartoe nooit voldoende kracht en vermogen kunnen ontwikkelen. Zal het de gemeente, met nog veel minder gespecialiseerde eigen deskundigen, wel lukken om het monster van de Jeugdzorg wel in te tomen?

Wanneer prikt de politiek de bedrieglijke voorstelling van de noodzaak van gesloten deuren bij de rechter eindelijk eens door. Ook het gebruik van initialen en anonimisering dient in de eerste plaats belangen van de rechtsplegers zelf. Dat is een duidelijk een instrument voor verdeel en heers. Andere oude en zeer bekende “middel-eeuwse” instrumenten zijn: ex-communicering en contactverboden voor procespartijen die al te vasthoudend om een eerlijke procedure vragen met waarheidsvinding.

De politiek zou ondertussen de rechter duidelijk moeten corrigeren als hij probeert te stellen dat de rechter niet aan waarheidsvinding hoeft te doen.

Als politici wel in de wet uitspreken dat de rechter zich aan de wet dient te houden, dan moeten ze dus ook optreden als de rechter dat niet blijkt te doen. Als politici het handhaven van hun wetten niet interessant vinden, dan kunnen ze beter nalaten nog langer wetten uit te vaardigen. Ook daar steeds de lachende derde … de rechter. Onderzoekers naar ontstaan en gebruik van jurisprudentie stellen keer op keer vast: wel of geen wet … de rechter maakt toch wel zijn eigen “wet”.

De rechter was toch geen “wetgevende macht” ?

De praktijk voor de arme goedwillende gemeente- en provincie-burgers (waaronder vele ambtenaren) blijkt een andere. De rechter maakt de wet zoals het hem uitkomt en waakt er voor dat een kwaliteitscontroleur in de keuken komt kijken. We gaan gaan dus dag-in-dag-uit door met het functioneren van volstrekt geheime rechtbanken. Dat was toch van voor de Middel Eeuwen? De inhoud van de procedure (het proces) wordt voor ons verborgen. Het resultaat (uitspraak) wordt feitelijk aan andere burgers ontoegankelijk gemaakt. Dat terwijl de uitspraken zogenaamd in het openbaar uitgesproken worden. Probeer als burger maar eens structureel voor de uitspraken uitgenodigd te worden! Het lukt al bijna niet om uitgenodigd te worden voor de uitpraken in je eigen zaak.

De politiek in andere Europese landen heeft bedongen dat er voortdurend burger-kwaliteitscontroleurs toezien op het werk van de rechter tijdens zittingen. Misschien is daar een eerste stap mee te maken in Nederland. Wellicht dat we daarmee voorzichtig een einde kunnen maken aan de geheime rechtbanken. In de Verenigde Staten wordt er grote waarde aan gehecht dat procespartijen met naam bekend worden gemaakt in uitspraken. Niets anonimiseren dus. Anonimiseren werkt alleen in het voordeel van betrokkenen die voordeel hebben bij verbergen van de waarheid. Dus anonimiseren werkt in het voordeel van de daders en de kwaadwillenden … en helaas moeten we dat vaststellen … in in het voordeel van degenen die zich aan controle willen ontrekken. Anonimisering wordt dus als voordeel van de uitvoerders van de rechtspleging gezien. De rechter heeft er alle belang bij om niet al te gemakkelijk gekritiseerd te kunnen worden.

Met tegenzin hebben rechters er gehoor aan gegeven om uitspraken in strafrecht beter te gaan onderbouwen (Promis). De lezer wordt verwezen naar: Raad voor de Rechtspraak over PROMIS of ook naar: Intermediair of onderzoek Van Hulten en NRC

Voor uitspraken in het civiele recht is in het geheel geen dwang om een rechter onderbouwing voor uitspraken te laten geven. De rechter mag al zijn documenten en al zijn overwegingen achter gesloten deuren houden. Zelfs de betrokkenen die mogen verschijnen op zitting achter gesloten deuren, krijgen de overwegingen van de rechter totaal niet gedeeld. Daarop zou de rechter alleen maar aangesproken (gecontroleerd) kunnen worden. Dat vinden rechters onwenselijk.

Geheime rechtbanken? Toch niet in Nederland? Hebben we misschien dan toch niet goed opgelet?

Voor de uitvoerende macht is om transparantie af te dwingen een wet verzonnen: de Wet Openbaarheid van Bestuur. Is een dergelijke wet ook gemaakt voor de Rechtspleging? Wie het weet mag het mij zeggen. Minister Donner vond deze “in-de-keuken-mogen-kijken-wet” maar lastig, kostbaar en vertragend. Verbaast het ons dat minister Donner weer is wat hij was … rechter? Slechts eens in de vele jaren staan politici op die hardop durven te stellen dat de rechter af en toe de democratie ondermijnd. Of dergelijke politici onze sympatie steeds verdienen, is weer een heel andere vraag. Op die momenten gaan we weer begrijpen wat we ook weer met een onafhankelijke rechter bedoelen. Een onafhankelijke rechter is in ieder geval niet een rechter die geen duidelijk kader van de politiek heeft gekregen.

Een goede rechter begint bij een duidelijke politiek. Zo niet … wie zijn dan kind van de rekening? Ja inderdaad … onze kinderen.

Zonder oplossen van het probleem van de 2 kapiteins op het schip zal er weinig veranderen.
Gaan we de burgemeester weer duidelijker … kapitein … maken?

Leave a Reply