You are browsing the archive for 2015 October.

Huisarts Tromp. OM en Inspectie Gezondheidszorg dreven Huisarts Tuitjenhorn de Dood in.

2015/10/25 in Uncategorized

– B. Mulder, arts-jurist gezondheidsrecht, Apeldoorn –          (art. 3044; tevens verschenen in Stentor vrijdag 23 oktober 2015)

De inspectie (IGZ) reageert (Stentor 19-10-15) op kritiek van mevrouw Spaansen (Stentor 17-10-15) over de manier waarop de inspectie haar en de familie Tromp heeft behandeld. Huisarts Tromp (Tuitjenhorn) is tot zelfdoding gebracht, nadat hij als moordenaar werd behandeld.

Haar man was echter al zo ernstig ziek, dat hij de ochtend niet zou halen. In het eigen jargon van de inspectie heet het, dat de inspectie “zich niet herkent”, in de kritiek. Ofwel: “We zien het niet en nemen ook niet de moeite er naar te kijken”. In dat jargon geldt als “gesprek” de mededeling “houd uw mond, u krijgt er uw man en uw huisarts niet mee terug en anders zullen we zorgen dat het u zoveel geld en tijd kost, dat u enig resultaat zelf ook niet zult overleven”. Gesprekken, waarvan u de uitnodiging pas krijgt na de datum van gesprek of waarvoor u vergeefs komt omdat de inspectie “vergeten”is tijdig af te zeggen: ze tellen allemaal mee. Met de zogenaamde dodelijke dosis morfine kun je onder voorwaarden zelfs autorijden en we hebben tuchtcolleges en toetsingscommissies om daarover te oordelen. De inspectie speelt echter graag eigen rechtertje door vast een voorschot te nemen met karaktermoord.

 

Naschrift Redactie:

Naar de zaak van huisarts Tromp doet de redactie al lange tijd onderzoek. Om een aantal redenen hebben we er nog niet over gepubliceerd. De ervaringen van de briefschrijver over het laakbare gedrag van IGZ roept zoveel herkenning op bij diverse deskundigen en lezers dat we de ingezonden brief van dhr. Mulder niet aan de lezers wilden onthouden.

 

 

 

Advocaten Luiden Noodklok over Chaos bij Administratie van Gerecht Arnhem – Leeuwarden

2015/10/24 in Uncategorized

– rechtbankverslaggever Arnhem –      (art. 3040)

De redactie heeft van diverse raadslieden en procesdeelnemers vernomen dat er heel veel mis is bij de administratie van het gerecht Arnhem – Leeuwarden. Er zijn echter sterke aanwijzingen dat het gaat om een landelijk probleem. Advocaten luiden de noodklok over kwaliteit van de administratie van OM en Gerechten. Rechters accepteren het van elkaar passeren dat ze zaken niet voorbereiden. Post komt zogenaamd niet binnen. Post raakt zoek. De redactie heeft ontvangstbevestigingen van het gerecht Arnhem onder ogen gekregen van stukken waarvan de ontvangst glashard wordt ontkent. OM en gerechten komen afspraken niet na om stukken te wisselen. Te pas en te onpas worden op het laatste moment weer andere rechters aan zaken gekoppeld. Ook daar waar rechters al met procespartijen hebben gecommuniceerd. Daar is bijvoorbeeld sprake van als een rechter-commissaris op een zaak moet functioneren. Het is theoretisch en praktisch onmogelijk dat iedere rechter op ieder moment ogenblikkelijk alle kennis zal verkrijgen over een zaak die hij “even” onder ogen krijgt. Vijf minuten voor zitting een andere rechter gaan vervangen is per definitie in het nadeel van procesdeelnemers. Is het niet voor een verdachte dan moet het wel voor een benadeelde van de verdachte negatief zijn. Is het niet voor een verzoeker dan moet het wel negatief zijn voor de tegenpartij van de verzoeker.

Rechters klaagden al enkele jaren dat ze meer tijd voor zittingsvoorbereiding wilden krijgen. Nu blijken ze ondertussen het van elkaar te accepteren dat ze volledig zonder voorbereiding naar hun zittingen gaan. Dit natuurlijk met dramatische gevolgen voor de “nietsvermoedende” rechtzoekenden. Advocaten en hun cliënten voelen zich steeds vaker geschoffeerd door rechters die met intimideren proberen te verdoezelen dat ze de zaak niet goed hebben kunnen of willen voorbereiden. Hogere productie-aantallen blijken belangrijker, dan het produceren van een goed product: recht voor de rechtzoekenden.

Het OM en de Gerechten hebben het afgelopen jaar volgens opgave veel minder zaken hoeven behandelen. Toch blijkt hun administratie nog verder op een onacceptabel peil te zijn gekomen.

Rechters en medewerkers van het OM beginnen zittingen zonder op de hoogte te zijn van de ingekomen stukken van de procesdeelnemers. Zelfs na bijna een halfjaar moeten advocaten en andere betrokkenen vaak nog op antwoord wachten.

Vaak voelt helemaal niemand zich voor zaken verantwoordelijk. Dat betreft zaken voor eerste aanleg bij de rechtbanken, maar ook voor zaken voor de gerechtshoven en de andere rechterlijke colleges, zoals bijvoorbeeld de Centrale Raad van Beroep, de Hoge Raad en de Raad van State.

Ook rechters zien zich niet als verantwoordelijk voor de briefwisselingen op de zaken die zij op zitting doen. Dat is onjuist naar onze mening. Het is echter zo dat vaak pas kort voor een zitting een zaak aan een bepaalde rechter (of team van rechters) wordt gekoppeld. Zijn er nu nog mensen die niet begrijpen waarom “de rechter” vaak wordt verweten dat hij geen regie over zaken voert? Rechters zeggen namelijk ook het principe te koesteren dat zij zich niet hebben te bemoeien met zaken die worden behandeld door een collega-rechter. Rechter Rinus Otte maakte er geen geheim van dat hij als rechters-manager moest vaststellen dat rechters grote moeite hebben zich door een collega te laten managen.

De wetenschap dat er dus lange tijd “niemand” inhoudelijk over de zaak gaat, is ronduit schokkend.

Daarin ligt dus een deel van de verklaring dat er zoveel misgaat bij het OM en de gerechten. Niemand weet het. Maar ook niemand wil het weten. Niemand is verantwoordelijk. Ook de rechters dus niet.

Bij het OM zijn diverse vestigingen samengevoegd en dat heeft veel consequenties voor de administratie gehad. Zo verdween bijvoorbeeld de administratieve ondersteuning van het OM bij de rechtbank Zutphen. Maar vergelijkbaars gebeurde op meer plaatsen.

Organisatorisch werden arrondissementen en ressorten samengevoegd of herschikt. Zo moesten de gerechtshoven van Arnhem en Leeuwarden ook 1 administratie gaan vormen.

We stellen vanuit de geluiden van advocaten en van rechtzoekenden vast dat er heel veel mis is met de administratie. Er is zoveel mis dat de kwaliteit van de rechtspleging daar zeker enorm onder leidt.

De slechte administratie zal er zelfs toe gaan leiden dat advocaten een rechter persoonlijk ter verantwoording moeten gaan roepen voor “de half-fabrikaten” waar de rechter mee aan de slag denkt te kunnen gaan op zijn zitting.

Een officier van justitie of een griffier, of een administratief medewerken van een gerecht kan niet op zitting door een advocaat of procesdeelnemer ter verantwoording worden geroepen. Door slechte administratie of proces-voorbereiding ontstaat beslist een vorm van partijdigheid. Alleen de rechter zou hierom gewraakt kunnen worden. Als ontlastend bewijs of onderzoek niet op tijd bij de rechter kan binnenkomen kan onmogelijk van een eerlijk proces sprake zijn. Dan kan onmogelijk sprake zijn van een onpartijdige rechter. Dat is nu feitelijk ook steeds de spil waar het om draaide bij de geruchtmakende gerechtelijke dwalingen van de laatste jaren.

Een rechter die willens en wetens zonder goede administratie en goede postbestelling toch tot berechting ter zitting overgaat kan beslist niet meer onpartijdig worden genoemd.

Alvast een verklaring voor een stijging van het aantal wrakingen van rechters persoonlijk dat mag worden verwacht. Tenminste een te verwachten stijging als de kwaliteit niet snel verbetert.

Advocaten zullen over het grote geheel gezien echter niet veel voordeel in wraken kunnen zien, omdat iedere cliënt in potentie evenveel last van de administratieve chaos heeft. Als een wraking wordt toegewezen zal ongetwijfeld een andere rechter de zaak moeten voorzetten met een net zo slechte administratieve ondersteuning.

Het is echter een noodrem die advocaten en cliënten kunnen hanteren die een signaal afgeeft. Net doen of je een dichtgeplakte brievenbus hebt en of je nooit thuis bent, is door de eeuwen heen een effectieve manier gebleken om “als rechter uit de wind te blijven”.

Dat met een lager volume aan te behandelen zaken het allemaal wel beter zou gaan, is in ieder geval bewezen onjuist.

Niet alleen bij de politie is nu een alarmerende, onwerkbare situatie ontstaan. Ook bij OM en de gerechten wordt de burger nu op steeds schokkender wijze slachtoffer van een niet functionerende overheid.

Belangrijk is dat geen enkele instantie voor onze volksvertegenwoordigers de prestaties van OM en gerechten meet. Er is eenvoudig nog helemaal geen kwaliteitscontroleur. Net als bij de politie mag een officier van justitie en een rechter zichzelf controleren. Weer die slager die zijn eigen vlees mag blijven keuren. Journalisten of Wet Openbaarheid van Bestuur kunnen maar beperkt iets betekenen. OM en gerechten hebben zich in veel opzichten boven de wet laten plaatsen.

Vinden we een rechtvaardige rechtspleging belangrijk genoeg voor enig toezicht? Voor enige controle? Human Rights Watch en Amnesty International, maar ook andere juridische activisten, worden steeds kritischer op Nederland. We zijn in veel gevallen beslist niet het grote voorbeeld dat we denken te zijn.

De rechters blijken maar heel beperkt bereid te zijn om de eigen organisatie tot de orde te roepen. De rechter speelt regelmatig een rol dat hij het OM tot de orde roept, maar slechts zelden dat hij zijn eigen administratie tot de orde roept. De mate waarin een hogere rechter een lagere rechter om reden van zijn gevoerde administratie terecht wijst is ook teleurstellend beperkt.

Als redactie komen we steeds weer opnieuw tot de slotsom dat het hoogste tijd is om naast de Nationale Ombudsman een Speciale Ombudsman Rechterlijke Organisatie te gaan instellen. Een speciale ombudsman om te benaderen als burgers “vermorzeld worden door juridische raderen”.

De Nationale Ombudsman en alle toezichthouders op kwaliteit moeten zich uiteindelijk baseren op een rechter die in laatste instantie voor kwaliteitswaarborgen moet zorgen. Als de rechter zelf zijn zaken niet op orde blijkt te hebben, blijkt onze samenleving uiteindelijk op drijfzand te rusten.

Na langere tijd het moeten doen met slechte kwaliteit, ontstaat een zekere gewenning. Bij een gevoelig proces als dat van de rechtspleging moeten we iedere gewenning met kracht willen voorkomen.

Waarom zouden rechters, officieren van justitie of hun administratieve staf zich niet aan gemaakte afspraken hoeven te houden? Waar accepteren we het dat we na een halfjaar nog niets vernomen hebben op een brief? Waarom zouden we dit van een rechter of van een officier van justitie wel moeten accepteren?

Als dit geen bedreiging van onze rechtstaat is, wat is het dan wel?

OM en Gerechten Ontevreden over Postbestelling door PostNL (TNT Post)

2015/10/24 in Uncategorized

– rechtbankverslaggever –      (art. 3036)

PostNL (TNT Post) heeft in de ogen van veel klanten in de laatste jaren aan betrouwbaarheid en kwaliteit moeten inleveren. Klanten kennen diverse voorbeelden van post-bestellers die moedwillig poststukken aan het begin of juist het einde van de straat bij “buren” in de brievenbus gooiden. Aangetekende stukken waarbij men niet meer aanbelde maar meteen een niet-thuis-bericht door de brievenbus gooide. Of leegstaande huizen waar ook “per ongeluk” post van buren werd bezorgd. De Belastingdienst of het CJIB legt bewijslast voor niet ontvangen van poststukken gewoon bij de ontvanger. Boetes voor niet tijdig reageren of niet tijdig betalen worden zonder pardon opgelegd. Alles gebaseerd op de “oude aanname” dat alles bezorgd werd, en alles binnen ten hoogste 2 werkdagen.

Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft deze ontevredenheid vertaald naar het zelf opzetten van een koeriersdienst. Het OM is de coördinerend opdrachtgever die ervoor moet zorgen dat rechterlijke brieven op tijd worden bezorgd. Het gaat bijvoorbeeld om post voor mensen die op een rechtszitting worden verwacht.

Er zijn duidelijke aanwijzingen dat deze dienst ook nog problemen met het kwaliteitspeil heeft. We nodigen lezers uit om te laten weten of zij goede of slechte ervaringen hebben met de eigen post-dienst. Hebben de gerechten en het OM hun doel wel bereikt? Betere postbestelling?

Rechter mr Rijkers (of mr Rijken ???) om Bedrog en Misdragingen gewraakt als Rechter. Vrijdag 16 oktober 2015, Hof Arnhem.

2015/10/19 in Uncategorized

– rechtbankverslaggever Arnhem –     (art. 3027)

Vrijdag 16 oktober 2015 was de zitting in het gerechtshof Arnhem om 16u.10. Een aantal belangstellenden had de moeite genomen om de zitting als publiek bij te wonen. Tot het moment dat de “verdachte” de rechtszaal in ging stond als voorzitter voor de kamer van het gerechtshof Arnhem mr. Abbink als voorzitter voor de zaak gepland. De verdachte, een nogal grote brede man, had natuurlijk veel weg van een crimineel zoals een krachtdadige politieman en rechter zich die zou wensen. Hij mocht als vrij burger het hoger beroep aanhangig maken en zelfs … vrij de zittingzaal in wandelen. Detail: hij was door de politierechter alleen voorwaardelijk veroordeeld voor “wederspannigheid” bij een politieaanhouding. Maar ook dat was voor de “verdachte” ondraaglijk.

Achter de tafel bleek echter stilletjes een andere rechter (raadsheer) te hebben plaatsgenomen. Hij gaf zich dus voor Abbink uit! Hij opende de zitting om 16u.20. Hij had grote haast, want hij had nog 10 minuten in te halen, want de zitting stond op de rol voor 16u.10.

Pleitaantekeningen mocht de verdachte niet aan de magistraten uitreiken. Hij kreeg niet de tijd om even de spullen uit zijn tas te pakken. Ook de mensen op de rij voor het publiek hadden zich nog niet echt kunnen installeren. De rechter opende de zitting meteen.

Na vraag van de verdediging van de verdachte gaf de rechter toe niet Abbink te zijn. Het toeval wil dat er nu juist in Arnhem bij het hof deze beide namen voorkomen, zo bleek uit later onderzoek. De verdeding stelde de vraag of de rechter dan wel in staat was geweest om het gehele strafdossier voldoende door te nemen? Kan dat in minder dan 5 minuten? Of klopt ook op dit punt de administratie van de rechtbank (hof) niet? Als de verdediging niet toevallig rechter Abbink van gezicht dacht te kennen, dan was de vraag helemaal niet opgekomen.

De voorzitter, was pas bereid om na aandringen en herhalen zijn naam te geven. Hij noemde zijn naam: waarschijnlijk Rijkers of Rijken. De verdediging mocht dit niet verifieren. De naam van de andere rechters en de officier van justitie (advocaat-generaal) wilde hij niet geven. “Als zij hun naam willen geven, moeten zij dat zelf maar doen. “, was op te tekenen uit de mond van de onbekend blijvende voorzitter. Hij ging niet in op het verzoek om de andere rechters dan in de gelegenheid te stellen hun naam te geven.

De verdediging van de verdachte werd de mond gesnoerd. De advocaat-generaal kreeg gelegenheid om het ten laste gelegde toe te lichten. Dat bleek echter alleen het oplezen van de Tenlastelegging (eerste aanleg bij de politierechter) te zijn.

De vooringenomenheid en het gebrek aan voorbereiding bleek uit een pijnlijk bewijs ter zitting. De voorzittend raadsheer sprak uit dat “de verdachte” een forse veroordeling had gekregen en … las (?!) er even overheen dat de veroordeling voorwaardelijk was, en dat de verdachte nu juist zelfs tegen de voorwaardelijke veroordeling in beroep gekomen was.
De rechter sprak een veronderstelling uit dat hij een fors gestrafte crimineel voor zich had. Zijn hele houding was: “Ik zal die verdachte wel eens even. En dat zal ik binnen een korte zitting-tijd doen ook.”

Rechter Rijkers (?!)  leek de standaard truc toe te passen bij “niet voorbereid hebben van een zitting”. Hij vroeg de verdachte zijn verhaal maar te doen. De verdachte kan dan onmogelijk zijn hele strafdossier oplezen. De “verdachte” had bovendien (om zittingstijd te sparen!) juist pleitaantekeningen opgesteld die hij de rechters voor aanvang van de zitting had proberen aan te bieden. De rechter weigerde opnieuw de pleitaantekeningen (pleitnota) aan te nemen. Ook hier deed de voorzitter dat wel tevens uit naam van zijn bijzitters. Toen was de maat vol en werd de onverantwoord haastige en onredelijke raadsheer gewraakt.

De gewraakte rechter weerhield na zijn wraking de griffier er bovendien van om de aanwezige getuigen in het pv van terechtzitting op te nemen. Ook werd nagelaten om de verdediging voor het pv, zoals opgemaakt tot dan toe, voor gezien te laten tekenen.

Een regelmatig waargenomen aanpak van een niet-voorbereide rechter is dan om vaak de verdediging te onderbreken dat er niet voldoende tijd is en dat precies verteld wordt, waar de rechter niet in geinteresseerd is. Dat heet “in de hoek zetten van een verdachte”. Bij een dwaling van een rechter in zijn eindoordeel wordt gesteld: de verdachte of zijn verdediging had het dan maar beter en vollediger ter zitting aan de orde moeten stellen. Er is dan ter zitting onvoldoende van gebleken … en onvoldoende bewezen … of onvoldoende weersproken. In het civiel recht is dat nog veel vaker gehoord. In het strafrecht komt het daar nu blijkbaar ook steeds vaker op neer.

De verdediging had geen behoefte om deze truc te ondergaan. Er zat helaas niets anders op dan wraking. Reiskosten voor niets gemaakt. Parkeerkosten van 6,50 voor niets. Bij Justitie en Veiligheid draait het blijkbaar heel vaak om verdeel en heers en intimideren. De verdachte had om nog een andere duidelijke reden helemaal geen belang bij het moeten wraken: hij had getuigen bereid weten te vinden om eigener beweging toch naar het hof te komen. Het is de vraag of deze getuigen zonder formele “uitnodiging” van het OM een volgende keer weer opnieuw kunnen komen of … willen komen.

Iedereen is meer met zichzelf en het voortbestaan van de eigen organisatie bezig, dan met recht doen.

Hoe onpartijdig en onbevooroordeeld is een rechter die zich voor een ander uitgeeft en die weigert om kennis te nemen van het strafdossier? Mag een rechter een pleitnota weigeren? Mag een rechter van alle andere rechters, de griffier en de aanklager de identiteit geheim houden? Hoe kan je dan bepalen als verdachte dat je een eerlijk proces mag verwachten en dat er geen belangenconflicten hoeven te bestaan rond de nevenbetrekkingen van de betreffende rechters. De rechtbankpresident van Zutphen heeft al eens direct na opening van een zitting geschorst, omdat een bijzitter zich door een collega had moeten laten vervangen. De president stelde dat de “verzoeker” in de gelegenheid moest worden gesteld om tijdens de zitting te bepalen of “enig bezwaar van partijdigheid” bij deze rechter kon bestaan. Op z’n minst zou in het gerecht het nevenfunctieregister geraadpleegd moeten kunnen worden. Een verzoeker of verdachte, hoeft daar natuurlijk geen gebruik van te maken.

Ook tijdens de zitting is het legitiem dat een “rechtzoekende” nog vraagt om schorsing voor onderzoek naar een rechter. Het kan ook zijn dat de rechtzoekende een chiquere escape aan een rechter wil aanbieden. Er kan een rechter in overweging worden gegeven om zich te verschonen.

Vanaf het begin door een voorzittend rechter overal de mond gesnoerd krijgen geeft niet bepaald een gevoel van onpartijdigheid en onbevooroordeeldheid bij de rechtzoekende.

Voor wetenschappers en geleerden (zoals rechters en verdediging) is het heel onbehoorlijk om geen vragen aan elkaar te mogen stellen en aan elkaar te beantwoorden? Het is heel onbehoorlijk om de rechtzoekende wel om zijn identiteit te vragen, maar die zelf niet te willen geven. Voor een rechter is dat bovendien onrechtmatig. Als de verdediging niet in de gelegenheid gesteld wordt om overeenkomst van rechtsopvatting met de rechters te mogen vaststellen, zou alles plotseling geheim worden. Het uiteindelijk concluderen over schuld/ onschuld is ten slotte een geheim van de raadkamer. Ook dat wordt niet met de verdachte of zijn verdediging gedeeld.

Volledig geheime en anonieme procesvoering kan nooit een garantie van onpartijdig- en onbevooroordeeldheid dragen.

Het is afwachten hoe de wrakingskamer over dit onbeschaafde en onrechtmatige gedrag van rechter (raadsheer) mr J.W. Rijkers zal oordelen. Of was het toch mr G.J. Rijken?

Politie Manipuleert voor 7e Jaar op Rij Misdaadcijfers. CBS doet niet aan waarheidsvinding. Slager mag gewoon eigen vlees keuren.

2015/10/19 in Uncategorized

– verslaggever Veiligheid en Justitie –

Iedereen die de afgelopen jaren geprobeerd heeft ergens aangifte van te doen bij de politie, weet wat de werkelijke reden is voor de gedaalde cijfers. Minder aangiften van geweld, minder van inbraak, minder van beroving, minder van vernieling, etc.

De politie neemt namelijk al ruime tijd alleen aangiften op waarbij ze redelijker wijs verwachten dat er een dader voor de rechter gebracht zal gaan worden. Dus geen zaken die het OM toch niet wil voorleggen bij de rechter. Het OM heeft zo haar prioriteiten. Als het even kan geen zaken die de rechter niet (zwaar) zal bestraffen. De rechter heeft zo zijn prioriteiten.

De politie heeft geen tijd, geen geld en geen energie voor opsporing. De politie moet zo haar prioriteiten stellen.
Bovendien wordt de politie erg onderbetaald, zo vinden veel politiemensen.

Alleen D66 stelt nu wat kanttekeningen bij de opstelling van de politie. Waarom blijven zoveel aangiften liggen vraagt D66?
De vraag zou eigenlijk moeten zijn: “Waarom wenst de politie maar zo weinig aangiften op te nemen?”

Komt er eens iemand op het idee om de aangiften bijvoorbeeld door de gemeente en door burger-vrijwilligers op te laten nemen? Het gaat dan alleen om het opnemen van de hoeveelheid “gevraagd onderzoek”. Een aangifte is namelijk niets anders dan een verzoek om onderzoek te laten doen door de politie (of andere overheidsdiensten!). Dan wordt vanzelf duidelijk hoeveel van de ingediende aangiften daadwerkelijk door de politie onderzocht gaan worden. Daar kan de politie overal zelf prioriteiten bepalen. De burger en de politiek kunnen dan beoordelen of ze de politieprioriteiten deelt.

Naarmate het slechter met de politie gaat, neemt de politie minder aangiften op. Kan het nog slechter met de politie gaan?
Er is in ieder geval nog ruimte om de cijfers verder te laten dalen. Gewoon nog minder aangiften opnemen.

Het CBS rapporteert braaf de aantallen die “officieel geregistreerd zijn”. Alleen de politie en het OM mogen vertellen wat “officieel” is. Zou het niet heerlijk zijn als wij als burgers ook onze eigen rapportcijfers in mochten vullen?

Arnhemse Toprechter (raadsheer) Rinus Otte Maakt Overstap naar Openbaar Ministerie (OM)

2015/10/15 in Uncategorized

– Arnhem, rechtbankverslaggever –

Uit de eerste hand hebben we vernomen dat rechter (raadsheer) M. Otte (Rinus) voor het Openbaar Ministerie gaat werken. Zijn werkzaamheden in Arnhem heeft hij tijdelijk en waarschijnlijk – deels – neergelegd. Zijn werkzaamheden voor de RUG (Rijksuniversiteit Groningen) gaan gewoon door.

De overgang is op detacheringsbasis. Rechters worden voor het leven benoemd. Wanneer Otte met de werkzaamheden bij het OM stopt kan hij in zijn huidige functie gewoon weer verder gaan.

Duidelijk blijkt hier dat de onafhankelijke positie van OM tegenover de zittende magistratuur alleen maar een heel theoretische is. Wanneer de redactie Rechterlijke Ambtenaren confronteert met zelfs gelijktijdig optreden voor OM en ZM (zittende magistratuur) volgt enige verbazing. Dat achten de meeste juristen onmogelijk. Enige analyse van de registers geeft snel uitsluitsel. Er blijken dus diverse mensen binnen het OM ook werkelijk opgeroepen te worden om als rechter of raadsheer ergens bij te springen.

Misschien is de dubbele pet niet te voorkomen. Dat de dubbele petten dan in ieder geval eerlijk worden toegegeven, ware zuiverder.

De rechter is onafhankelijk? Waarvan? Van wie?

Door Politie Gelderland Mishandelde Journalist blijkt Getuige van Moord

2015/10/15 in Uncategorized

– Arnhem, rechtbankverslaggever – ( art. 3015 )

Aan media (ook aan de site SlachtoffersJustitie.nl) is gevraagd om lang te wachten met berichtgeving over de gebeurtenissen in Oosterhout (Gld) op 10 september 2014. Ondertussen moeten nu zaken in de openbaarheid gebracht gaan worden.

De politie blijkt rond 13u.30 gebeld te zijn door een journalist over een moord van een arts op een oude, zieke alleenstaande oude man. De arts heeft tegenover de politie de kern van zijn handelingen schriftelijk verklaard.

In verwarring en paniek heeft de politie niet geweten hoe te handelen. De journalist die (zo bevestigd nu ondertussen ook een proces verbaal van de recherche) was rechtmatig bij zijn omgebrachte vriend aanwezig. De politie volgde klakkeloos het verzoek van de huisbazin, om iedereen bij de overledene weg te sturen. Onrechtmatig handelen van de politie, aangezien er een schriftelijk aangewezen opdrachtgever voor de uitvaart was. De journalist en andere naasten hadden alle recht (Wet op de lijkbezorging) om bij de overledene werkzaamheden behorend bij de uitvaart en de nalatenschap uit te voeren. De dochters van R.v.A. hadden ondanks herhaalde pogingen van R.v.A. (en anderen) niets van zich laten horen om de nalatenschap of de uitvaart te gaan accepteren.

De notaris uit Elst (Gld) moest onverrichter zake huiswaarts keren. Hij kon geen akte voor een executeur testamentair meer opmaken omdat de arts de man al volledig gesedeerd had met onder andere 10 mg morfine. Wat zeer merkwaardig was, was dat de notaris niet rapporteerde aan degene die hem had ingeroepen maar aan de huisbazin van de zieke man. Met de mededelingen van de notaris heeft de huisbazin vervolgens een bizar eigen plan getrokken. Een plan dat beslist niet in het belang van R.v.A. was en niet in het belang van zijn nalatenschap. De huisbazin was al eens executeur testamentair geweest, maar om duidelijke redenen wilde R.v.A. dat niet opnieuw. Hij had het executeurschap voor de huisbazin ingetrokken. Op maandag middag was de eigen huisarts duidelijk te verstaan gegeven dat van vervroeging van een euthanasie geen sprake kon zijn om reden van “makkelijker op de agenda” van de euthanaserende arts. Een andere arts dan de eigen huisarts zou de euthanasie uitvoeren. Degene die met de eigen huisarts op maandag sprak en duidelijk maakte dat niet van de afspraak afgeweken diende te worden was een schriftelijk aangewezen naaste van R.v.A. De zieke en zijn naasten hadden zich op het afgesproken tijdstip ingesteld.

In de nacht van dinsdag op woensdag 10 oktober waren er geen medische gebeurtenissen geweest die tot een ad hoc vervroeging van de euthanasie rechtvaardiging gaven. De huisarts beschikte bovendien over alle gegevens van de belangenbehartigende naaste van de zieke. Hij heeft niet gebeld. Ook de eigen huisarts heeft niet gebeld over een onhoudbaar verslechterde situatie of dergelijke.

De journalist was nog tot het begin van de nacht bij zijn vriend geweest. Zijn vriend nam zeer duidelijk afscheid met de woorden “Tot morgen!”. Een normaal afscheid tussen de vrienden werd dus door de arts wreed onmogelijk gemaakt. Een overduidelijk voorbeeld van een onrechtmatig uitgevoerde euthanasie. In juridische termen kan alleen gesproken worden van weloverwogen, opzettelijke doodslag, moord.

De journalist heeft duidelijk aan de euthanaserende arts, de politie en de schouwarts gevraagd goed te zien op bewaren van alle terzake doende bewijzen voor, tijdens en na de uitgevoerde euthanasie. De valsheid in geschrifte van de arts blijkt min of meer toevallig uit de nadrukkelijke aanwezigheid van een notaris op het moment dat de arts verklaarde “nog contact met R.v.A. te hebben gehad”. De zieke kon helaas beslist met niemand meer contact maken, ook niet met de euthanaserende arts. De zieke kon al zeker niet meer kenbaar maken dat hij inderdaad vervroeging van de euthanasie wenste.

We mogen hopen dat dit eigenmachtig vervroegen van een euthanasie door een arts niet een vaker voorkomende gewoonte is. Dit alles schokt het vertrouwen in de zorgvuldigheid van een arts bij een euthanasie. Een vervroeging om medische noodzaak is uitgesloten. Te meer omdat het maandag als mogelijke wens van de arts zelf al door de huisarts werd gecommuniceerd met de journalist.

De euthanaserende arts vond de aanwezigheid van de journalist vanzelfsprekend minder prettig. Hij heeft alles in het werk gesteld om de aandacht van zijn verwerpelijke handelen af te leiden door de aandacht op de “lastige” journalist te vestigen. De schouwarts wilde vervolgens collegiaal zijn en volgde die houding richting de “getuige van moord”. De politie wist niet goed wat te doen, “dus” koos de politie ook maar voor verwijdering van de “getuige”. Er werd letterlijk tegen de vertrouweling van de zieke gezegd: “Jij bent waarschijnlijk uit op diefstal van zaken in de nalatenschap.”

De journalist werd naar buiten geleid met de woorden van een politieman: “Als je niet snel de trap af gaat, gooi ik je eraf!”
Ook daarvan was een getuige.

De journalist en een andere kennis van R.v.A. werd verzocht om op het terras in de tuin te gaan wachten.

Even later vroeg de huisbazin aan de politie om voor haar rust de aanwezige rouwenden te vragen op de openbare weg te gaan wachten. Klakkeloos heeft de politie ook dit aan de rouwenden gevorderd. Ondertussen had de journalist het opdrachtgeverschap voor de uitvaart en de eigendom van het graf van de uitvaartbegeleider geaccepteerd. De huisbazin had zich ten overstaan van vele getuigen, waaronder de politie uit verdere betrokkenheid bij de uitvaart terug getrokken. Ze sprak gewoon uit dat zij respect wilde voor haar belang om “het gehuurde snel weer opnieuw te kunnen verhuren”. Bizar.

De journalist blijft met een andere rouwende enige tijd in zijn auto op de openbare weg wachten. Om over de situatie te kunnen gaan communiceren met de meerdere van de betreffende agenten en met bijvoorbeeld een advocaat, vroeg de journalist een agent om zijn naam of dienstnummer. Daarop werd de agent meteen agressief en weigerde het nummer verstaanbaar of leesbaar te geven.

Niet de moordende arts, maar de getuige werd met geweld aangehouden. Vele meinedige verklaringen van de betreffende politie-functionarissen volgden. Een van de agenten zou zelfs door verzet (wederspannigheid) van de verdachte letsel hebben opgelopen.

Uit de gemaakte filmopname blijkt echter dat de agent in kwestie volstrekt ongeschonden om de “verdachte” heen blijft lopen als die al lange tijd is “uitgeschakeld” en achterin de surveillance-auto plaats heeft genomen.

Er zouden nog vele bizarre gebeurtenissen blijken te volgen. Het wachten is op verdere actie van het OM om de politie tot de orde te roepen en voor de hand liggende aangiften op te gaan nemen. En … we durven het nauwelijks in de mond te nemen … onderzoek te doen naar de feiten om de rechter in staat te stellen recht te gaan doen.

Zes van Breda Weer Veroordeeld. Ondanks Ontbreken (Technisch) Bewijs

2015/10/14 in Uncategorized

– Den Haag, rechtbankverslaggever –

Een schok is door Nederland gegaan nu de rechters (raadsheren) van het gerechtshof het pad van bekennen van dwalingen lijken te hebben verlaten. Ontkennen werkte immers eeuwenlang veel beter, zo lijkt nu weer het devies. Een tragische trendbreuk. Er is besloten dat het maar eens afgelopen moet zijn met de dwalingen.

Niet de eerste de beste juristen wijzen op de sinds jaar en dag bestaande gewoonte dat “van horen zeggen” met verklaringen van getuigen nooit voldoende mag zijn voor bewezenverklaring van een levensdelict waarvoor een straf van meer dan 5 jaar wordt gevorderd en wordt gevonnist.Van politie tot het einde van de keten zijn de instituties in staat van faillisement geraakt, zo lijkt het. Geldgebrek? Gebrek aan leiding? Gebrek aan politieke wil? Worden de feiten weg gelachen?

Als redactie hebben we het strafdossier nog niet volledig bestudeerd. Wellicht dat we grote missers maken. Maar ook advocaat Geert Jan Knoops heeft zich al eerder over de zaak uitgelaten in deze richting. De Hoge Raad verwees de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag om het hof zich volledig opnieuw over de zaak uit te laten spreken.

Steeds duidelijker blijken we als samenleving nog steeds in staat tot “heksenprocessen” en “heksenverbrandingen”. Ook daar moeten we Maarten het Hart bijvallen, zoals hij schreef in het voorwoord in het boek Lucia de B.

Journalist door Politie Elst (Gld) Zonder Grond Aangehouden met Geweld

2015/10/14 in Uncategorized

– Arnhem, rechtbankverslaggever –

Een vals verklarende (dus corrupte), politieman blijkt van een “lastige” journalist te hebben willen afkomen. Toen de journalist hem om zijn dienstnummer of naam vroeg, wilde de agent dat niet geven. De agent vorderde op de openbare weg aan de reeds weggelopen journalist om weg te gaan, maar sprong toen letterlijk op zijn rug en zette een nekklem bij de journalist. Extra onverantwoord want de journalist al ten gevolge van 2 hernia’s forse rugproblemen. Toch ging hij meteen op vordering op de grond liggen. Diverse omstanders waren aanwezig en er werden foto’s en film gemaakt.
De journalist was ter plaatse puur voor een prive-aangelegenheid, dus niet vooral in hoedanigheid van journalist. Hij was vriend en uitgever van de overledene. De journalist was aangewezen om na overlijden van zijn vriend o.a. de uitvaart te regelen.

De politie deed klakkeloos wat de huisbazin vroeg. Meer dan tien jaar woonde de nestor van de Nederlandse Vaderbeweging alleen in een woning op hetzelfde erf als zijn huisbazin. Sinds ongeveer 1980 had hij niets meer vernomen van zijn beide dochters. Een vader die Dwaze Vader als geuzentitel wilde dragen, maar nooit enig geweld had gebruikt. Hij verdiende zijn brood met zijn pen als vertaler en auteur. De politie zette de opdrachtgever voor de uitvaart uit de woning van de overledene en belette het ook andere nabestaanden om bij de overledene te komen. Zonder enig opgaaf van reden. De wet op de lijkbezorging schrijft echter voor dat nabestaanden in een gehuurde woning gewoon het recht hebben om aanwezig te zijn om in de laatste wil voor de overledene te voorzien en zijn uitvaart ter hand te nemen. Politie-onderzoek later bevestigde ook dat de journalist opdrachtgever was voor de uitvaart.

Belangrijk is dat de politie verzet van de journalist (bij zijn aanhouding) verzonnen heeft. Sterker nog: er werd verzonnen dat een agent bij de aanhouding letsel had opgelopen. Rusland en Turkije kunnen ondertussen Nederland confronteren met eigen intimidatie van burgers en journalisten en corrupte politiemensen. Kort geleden was nog aan de orde dat het OM van een journalist alle telefoongegevens had opgevraagd om te kijken of hij contact had gehad met iemand die verdacht werd van een strafbaar feit (Anne Boer, uitgeverij Wegener). Vorige week kwam een andere integriteitskwestie bij de politie in de publiciteit. Even voor alle duidelijkheid: corruptie hoeft helemaal niets te maken te hebben met er (ook) geld voor ontvangen.

Na een extreem lange periode van in hechtenis (voor vooronderzoek) kon de journalist na 3 dagen huiswaarts. De toevoeging “aanhouding waarbij letsel ontstond bij een agent” lijkt puur te zijn gedaan om de journalist langer vast te houden en om hem het regelen van de uitvaart nog veel moeilijker te maken.

Stellen we ons einde van het leven zo voor? Dat terwijl je beide kinderen van het doodsbed van jou als hun zieke Dwaze Vader weten? Dat terwijl deze dochters vanaf 1980 door PAS (kind-ouder-vervreemdingssyndroom) niets meer aan jou als hun vader hebben laten horen? Wat als ook aan het einde van je leven iedereen je blijkt te verraden, omdat dat in het dagelijks werk nu eenmaal makkelijker werkt of meer oplevert?
De journalist heeft ondertussen aangifte gedaan bij het OM in Arnhem. We zijn als redactie heel benieuwd hoe het hof met deze artikel-12-achtige situatie wenst om te gaan. Zal het hof het OM en de politie weer automatisch in (collegiale) bescherming nemen?

We blijven deze zaak op de voet volgen. Als gewone burgers kunt u gewoon bij de zitting aanwezig zijn in het gerechtshof Arnhem om 16u.10. Neemt u (zoals altijd) voor de zekerheid rijbewijs of paspoort mee.

Hof Arnhem Buigt zich Vrijdag 16 Oktober over Corruptie bij Politie. Tweede Integriteitskwestie in 1 Week.

2015/10/13 in Uncategorized

– rechtbankverslaggever Arnhem –

Navraag bij OM en hof in Arnhem leverde ons nieuwe informatie over de nieuwe kwestie rond integriteit binnen de Nationale Politie. Het betreft inderdaad de regio Gelderland Midden.

In de zitting moet ons meer duidelijk worden waar het precies om zou gaan. De zitting is zoals alle strafzaken openbaar. De geplande aanvang is 16u.10 in het Paleis van Justitie te Arnhem. Bij navraag deelt het hof de samenstelling van de 3 raadsheren van de ingeplande meervoudige kamer en de verantwoordelijke advocaat-generaal (“officier van justitie”) mede.

Het parketnummer is 21-006682-14. De zitting is 16 oktober 2015 om 16u.10.

Accreditatie is voor journalisten niet verplicht, maar wordt door het gerecht wel op prijs gesteld. Voor normale burgers is de zitting openbaar en ook gewoon toegankelijk. Het maken van beeld- of geluidsopnames moet wel met het gerecht worden overlegd.

Via de redactie is voor media een aantal persberichten beschikbaar. De redactie deelt in overleg diverse bronnen.

Skip to toolbar