Wraking van rechtbank Amsterdam door professor Heertje met succes

2014/05/04 in Uncategorized

De wrakingskamer van de rechtbank in Amsterdam heeft op vrijdagmiddag een beslissing uitgesproken. De kortgeding-rechter op de zaak van BJZ Amsterdam tegen professor Arnold Heertje moet worden vervangen door een andere rechter. De rechter had niet mogen bepalen dat de zitting achter gesloten deuren moest plaatsvinden.

De rechter had dat besloten zonder eerst Heertje te raadplegen. Het verzoek voor een geheime zitting was gedaan door Bureau Jeugdzorg. Heertje had al aangegeven bezwaar te hebben tegen een dergelijke zitting achter gesloten deuren.

Volgens een woordvoerder van de rechtbank had de rechter daarom eerst hoor en wederhoor moeten toepassen voordat het besluit werd genomen. Het kort geding vindt nu dinsdag rond de klok van 15.00 uur plaats, meldde de rechtbank.

Bureau Jeugdzorg eist dat Heertje in zijn columns zwijgt over de identiteit van twee gezinsmanagers (gezinsvoogden). Volgens de instantie lijden de medewerkers schade als Heertje hun namen noemt.

Veel onrechtmatig en verkeerd handelen van Nederlandse ambtenaren, zorgverleners en deskundigen blijft heel bewust aan het grote publiek onttrokken. Enkele terreinen waar procedurepartijen geen waarborgen met onafhankelijke getuige-toehoorders en getuige-toeschouwers kunnen krijgen zijn:
– zaken waarin kinderen aan de orde komen
– zaken waarin familierelaties centraal staan (ook erfrecht en successierechten)
– zaken waarin een arbeidsrelatie centraal staat
– zaken waarin sociale zekerheid en fiscale zaken aan de orde komen van individuele burgers
– zaken waarin de openbare orde, de staatsveiligheid of internationaal geclassificeerde (geheime) aangelegenhede aan de orde komen
– zaken waarin lopend strafrechtelijk onderzoek geschaad kan worden
– zaken waarin de rechter strijd met de goede zeden verondersteld

Anders dan in vele andere landen in Europa kent Nederland geen toezichthoudende (controlerende) rol toe aan aangewezen “gewone” burgers.

De Nederlandse gerechten blijken vrij slecht op de hoogte van de achterliggende redenen voor het wrakingsrecht. Er blijkt bijvoorbeeld ook onbekendheid met het recht om zonder advocaat toch altijd rechters bij alle niveau’s van rechtbanken te kunnen wraken. Ten onrechte doen hoven voorkomen dat een procedurepartij of verdachte niet zonder advocaat een verzoek tot wraking kan doen. Ten onrechte beriep het hof Arnhem zich bijvoorbeeld op “jurisprudentie” van nog voor het jaar 1850! Er blijkt ook onbekendheid met de mogelijkheid dat men met een wraking zijn eigen advocaat moet kunnen heenzenden. Vanwege die noodzaak, ligt het dus al meteen voor de hand dat men ook zonder advocaat 1 of meer rechters tegelijk moet kunnen wraken. De reden voor wraking van de rechter kan heel goed gelegen zijn in een onwenselijke relatie tussen de eigen advocaat en de te wraken rechter. Centraal moet kunnen staan dat een burger een eerlijke procedure (proces) kan krijgen. Bij bepaalde hoedanigheden van een rechter of bepaalde gedragingen van een rechter kan een vermoeden van partijdigheid van een rechter ontstaan. Als de in te stellen wrakingskamer de redelijkheid van dat vermoeden moet bevestigen, dient zij het verzoek tot wraking toe te wijzen.

Wanneer tijdens (of kort voor zitting) een bezwaar tegen de eigen advocaat blijkt te ontstaan en de rechter zou het heenzenden van de eigen advocaat en het verdagen van de zitting met een redelijke termijn niet overnemen dan zou daarmee een ogenblikkelijke wrakingsgrond voor die rechter ontstaan. Een procedurepartij heeft recht op een raadsman als hij dat wenst. Sterker nog een procedurepartij is voor het doen van proceshandelingen afhankelijk van een advocaat. Een procedurepartij is verplicht om zich te laten vertegenwoordigen. De procedurepartij moet een redelijke termijn krijgen om een nieuwe raadsman te zoeken. De raadsman (m/v) heeft een redelijke termijn nodig om het dossier voor te bereiden. Dat een procedurepartij zelf geen proceshandelingen kan doen, mag gelden als niet meer van deze tijd. Het bevestigd de oude situatie dat Nederland in de eerste plaats een monarchie, in de tweede plaats (door delegatie van de koning aan de rechter) een jurocratie en pas … in de laatste plaats een democratie was. De jurocratie heeft zich feitelijk tot de dag van vandaag buiten de democratie geplaatst gehouden. Alle wetten kunnen met jurisprudentie worden uitgehold of ter zijde worden gelegd. De volksvertegenwoordiging heeft daar geen enkele zeggenschap over willen hebben. Ten onrechte met een verwijzing naar respect voor de Trias Politica.

Het mag volstrekt duidelijk zijn dat in de rechtsvraag die de kortgeding-rechter kreeg voorgelegd helemaal geen namen van kinderen of van medewerkers aan de orde hoeven te komen. BJZ leunt op de wetenschap dat de rechter het meestal toch wel toewijst als BJZ een geheime zitting wenst. Alleen als er erg veel media-aandacht is dan wil de rechter nog wel eens voorzichtiger worden. Hoe zat dat ook al weer met de wraking in het proces tegen Geert Wilders? De wrakingsgrond was heel erg zwak, toch stuurde de wrakingskamer liever richting een vervangen van de gewraakte rechter. De rechtbank wilde de maatschappelijke opinie niet tegen zich krijgen. Detail: de strafpleiters Herman Loonstein en Max Moszkowitcz zijn goede bekenden van elkaar. Mr Loonstein staat in dit geding professor Heertje bij.

Als de wraking was afgewezen dan zou dinsdag aanstaande het geding worden voortgezet op het punt waar het was stil gelegd. Nu de wraking is toegewezen zal het geding van voren af aan worden gevoerd.

=======

Eerder verschenen:
http://www.slachtoffersjustitie.nl/wordpress/?p=2558

http://www.slachtoffersjustitie.nl/wordpress/?p=2549

http://www.slachtoffersjustitie.nl/wordpress/?p=2541

http://www.slachtoffersjustitie.nl/wordpress/?p=2532

Lees ook bijvoorbeeld in het Parool: Jeugdzorg daagt Arnold Heertje over column (29-04-14)

Leave a reply

You must be logged in to post a comment.

Skip to toolbar